انك ميت وانهم ميتون ٣٠
إِنَّكَ مَيِّتٌۭ وَإِنَّهُم مَّيِّتُونَ ٣٠

٣٠

Voorwaar, jij zuk sterven en voorwaar, zij zullen sterven.
Tafseers
Lessen
Reflecties
Notes placeholders